Media: Wethouder van de melaatsen in...
Wethouder van de melaatsen in tranen
Het is de vroege zaterdagochtend, de drugsboot aan de Nieuwe kade staat op het punt naar de rivierbodem te zinken. Wethouder Verslavingszorg Jantien Vlam rijdt het bizarre tafereel tegemoet.
De tranen springen haar in de ogen als ze de drugsboot schuin in het water ziet liggen. "Ik heb een potje zitten janken, ja", zegt ze later. "Dat moet kunnen, vind ik. Die boot, dat is voor mij emotie."
Ongeloof, verbijstering en verslagenheid staan in de nacht van vrijdag 7 op zaterdag 8 mei op haar gezicht en dat van burgemeester Pauline Krikke te lezen. Er is maar een conclusie mogelijk: de 24-uursopvang voor ernstig verslaafden, die op 23 mei geopend zou worden, is voorlopig van de baan.
Zes jaar lang zocht Arnhem naar een opvangplek voor de zwaarste drugsverslaafden van de stad, de melaatsen van de moderne samenleving. Enkele maanden geleden, op een gure zaterdag in januari, stond Vlam met enkele ambtenaren en agenten te wachten op de boot uit Grave. Een Ark van Noach moest het worden voor de opgejaagden die niemand in zijn buurt wil. Slagregens en wind geselden het eenzame groepje. Na een paar maanden hard werken zou de boot volgens de laatste inzichten zijn ingericht. Andere gemeenten volgden het experiment gespannen.
Het is zaterdagmiddag 9 mei, ruim achttien uur nadat het schip begon te zinken. Vlam verlaat de extra vergadering van de raadscommissie Maatschappelijke Ontwikkeling die ze met burgemeester Krikke heeft belegd om de gemeenteraad in te lichten over de gevolgen die het zinken van de drugsboot heeft. "De huidige dagopvang voor verslaafden blijft haar werk doen", zegt ze zakelijk en nuchter. "Opstaan en weer doorgaan", luidt het motto van de wethouder met een ondankbare taak.
Het hele weekeinde rijdt ze af en toe naar de kade op haar fiets, op zoek naar mensen die haar het laatste nieuws kunnen vertellen. "Arnhem staat weer op de kaart", constateert ze bitter. "Maar ik had het liever niet op deze wijze gehad."
Bron: De Gelderlander 10-05-2004 |